Ligny – Franiére – 25.5 km

Wandelkaart: https://afstandmeten.nl/index.php?id=3112997

Een volgende etappe van de “Dwars door België”- reeks van wandelgroep Schampavie.
De oorspronkelijke etappe Ligny – Floreffe van ruim 28 km lijkt ons te lang in deze donkere eindejaarsperiode maar het nabijgelegen station van Franière zorgt voor een oplossing.
De trein brengt ons met een overstap in Charleroi naar Ligny. Het grijze weer legt nog extra de nadruk op de grauwe omgeving met leeggelopen industrie en vervallen gebouwen. Ook de rijke herenboeren in hun imposante vierkantshoeven hebben blijkbaar hun beste tijd gehad.
De hoeves zijn nog altijd imposant maar van de vroegere grandeur blijft weinig over. Afbladerende verf, bemoste daken en half ingevallen schuren leveren het sprekende bewijs. 
De velden liggen er leeggeplukt bij; de veldwegen slijkerig en glad. Het wandelen lijkt meer op schaatsen en van vergezichten is geen sprake. Af en toe zorgt een eenzaam bosje voor wat afwisseling, soms zelfs voor een steile klim waarbij we ons met de handen aan boompjes omhoog moeten trekken. De afdaling is navenant.
Tot St. Martin lopen we evenwijdig met La Ligne  die uitmondt in L’Orneau en voorbij Onoz volgen we dit riviertje door een bosstrook. We klimmen naar de grot van Spy, waar in 1886 resten werden gevonden van bewoning door neanderthalers. We vergissen ons van pad, klimmen haaks de helling op en komen na een even steile afdaling terug op het hoofdpad terecht, 50 m verder!  L’ Orneau zoekt zijn weg verder naar de Samber, wij gaan naar Moustier-sur-Sambre, doorkruisen het dorpje,…alles doodstil. Een eindje verder komen we bij een gracht, stilstaand water groen van het kroos. Ruim een kilometer lopen we langs dit prachtig stukje natuur. Het blijkt een oude arm van de Samber te zijn die zich rond Mornimont krult. Bij de laatste huizen van Soye eten we nog een hapje op een bankje voor een huis. De bewoonster komt een praatje maken. Daarna volgen we GR, over de Samber naar het station van Franière, waar we de trein zien wegrijden.

Komende wandelingen

Wij hebben al een paar datums vastgelegd voor de komende maanden.
Deze datums kan je alvast noteren in jullie agenda.
Ook kan je ons wandelprogramma volgen op:
https://www.smokkelaarsmaldegem.be/events/lijst/?tribe-bar-date=2021-11-28

zaterdag, 4 december ’21: (stoverij)wandeling in corona editie

zondag, 23 januari ’22: nieuwjaarswandeling, Balgerhoeke (sas) Eeklo

zaterdag, 19 februari ’22: Hutsepotwandeling (info volgt)

zaterdag, 12 maart ’22: daguitstap met de trein Charleroi

zaterdag, 9 april ’22: oliebollenwandeling ( info volgt)

Verslag novembertocht Hunsrück ’21

Wandelkaart: https://afstandmeten.nl/index.php?id=3100845https://afstandmeten.nl/index.php?id=3101178,3101179,3101180,3101184,3101185

 

Vrijdag 29 oktober BULLAY – BLANKENRATH  (16km)
We hadden er door Corona twee jaar moeten op wachten maar het was voor niemand een probleem om vroeg uit de veren te springen voor een 5-daagse trektocht. Zowel de mensen die met de trein als die met de auto waren getuige van een stralende zonsopgang, die de toch wel sombere weersvoorspellingen tegensprak, gelukkig maar… Ikzelf was met het team auto.  Onze chauffeur Kurt (geplaagd door een blessure) bracht ons, een stop voor een koffietje in Wittlich inbegrepen, naar Bullay. Onze editie 2021 kon nu starten aan het kleine stationnetje waar enkele uren later ook de “treiners” zouden starten. We worden al gauw wakker geschud en opgewarmd door een klim langs “vals plat” van zo’n anderhalf uur. Goeiemorgen… Maar ons enthousiasme is groot: de zon is nu volop van de partij, de temperatuur is mild dus boven op de hoogte wordt een eerste heildronk genuttigd. Tekens geven aan dat we ons op de Santiago pelgrimsroute bevinden die hier de Moselweg volgt. Wij zitten immers nog steeds op een aanlooproute naar de Hunsrück Steig. Glooiende hellingen door afwisselend bos en veld maken het een aangename tocht. Bij het kruisen van een weg wordt onze aandacht getrokken door een luid claxonerende auto. Het is onze bezemwagen met Francis en Kurt die ons een frisse pint kunnen aanbieden. Wat een toeval was me dit! Gezien Francis er al bij was betekende dat ook de groep met de trein al aan het stappen was.  De zon verleidt ons zowaar om even wat tijd te nemen op een bankje en te genieten. Er is immers geen haast. Rond 16u komt de eerste groep aan in Gasthaus Graff in Blankenheim. “Ein Impfbeweis” wordt terecht gevraagd bij het binnenkomen, corona is immers aan een groot herfstoffensief bezig. Een stressmomentje voor onze Francis die het digitale format niet onmiddellijk kan tevoorschijn toveren. Maar met wat hulp lukt het toch, oef… Rond de klok van 17u is onze groep volledig aangekomen. Hetis een blij weerzien met onze wandelvrienden. Traditioneel is de zenuwachtigheid rond de juiste WiFi code, want het mobieltje neemt wat tijd van ons allen tegenwoordig. Een “ Sign of times”… Het avondeten in het hotel is super: schnitzels à volonté! Het is duidelijk, we zijn in Duitsland. Er wordt heel wat bijgepraat aan tafel. Velen waren al lang wakker, dus het werd niet te laat voor we onze bedstee opzochten.

Zaterdag 30 oktober BLANKENRATH – KASTELLAUN (28km)
Onze ontbijttafel staat rijkelijk gevuld op ons te wachten bij het betreden van de eetruimte. Tiptop in orde, niets te kort. Zelfs wat schnitzels van de avond ervoor staan ertussen. Onze picknick kan hier ook gemaakt worden, ideaal dus. Om 9u startten we dan aan een toch wel redelijk lange etappe langs de Hunsrück. Na het verlaten van het dorp komen we al vlug in de bossen die in prachtige herfstkleuren gehuld zijn. Maar als we later in de open velden komen valt het op dat de wind in sterkte is toegenomen. Het landschap is nu overwegend lichtglooiend, al is er af en toe ook een “neepke bergop” te overwinnen. Ook vallen er enkele druppeltjes uit de hemel die zich beperken tot wat kleine buitjes. Ik hou de paraplu zelfs gesloten. Onze ploeg catering (Francis/Kurt) kan ons weer een pitstop aanbieden te midden van de velden. Terwijl we genieten van de vergezichten laten we ons een drankje smaken. Regelmatig is de trek van de kraanvogel te spotten, die in deze tijd van Scandinavië naar de Spaanse binnenlanden trekken om te overwinteren.
Ze vliegen in middelgrote V-formaties boven onze hoofden. Prachtig om te zien. We zullen dit de komende dagen nog meer zien. Onderweg lopen we ook onder de bekende Hangseilebrücke Geierlay, die slechts in één richting toegankelijk is. Niet voor mensen met hoogtevrees! De groep is nu min of meer ook gehergroepeerd. In de namiddag beginnen de kilometers ook te wegen.
Gelukkig doorkruisen we het dorpje Bell, met een klein dorpscafeetje erbij. We gaan binnen.
We treffen er nog wandelaarsters uit de Limburg.  Bij het buitenkomen is de hemel dreigend geworden, maar er is vooral een koude wind opgestoken. Brr … vlug naar Kastellaun nu. We slapen er in het alleraardigst hostel Schlummerkiste, die we op twee andere gasten na, voor ons ter beschikking hebben. Een modern concept van overnachten, geen receptie bij aankomst maar zeker in orde. Een platenspeler en een platencollectie om U tegen te zeggen maken het een gezellig plaat(s)je. Er wordt een streepje muziek van Bob Dylan  (LP Desire) opgelegd en daar straffen ze me niet mee.  Het avondeten nuttigen we in een pizzeria op wandelafstand. Na deze lange dag mogen we een uurtje langer slapen. De wintertijd doet immers de volgende nacht zijn intrede.

Zondag 31 oktober KASTELLAUN – SCHAUSEMÜHLE (18 km)
Het ontbijt nuttigen we in een lokale bakkerij. Een legbatterij aan eieren, samen met spek en versgebakken broodjes geven ons de energie om alweer een dag te stappen. Onze broodjes voor onderweg worden ook hier klaargemaakt, het kan maar zo gemakkelijk zijn. De Hunsrück Steig brengt ons eerst naar de burcht die het dorp beheerst. Daarna volgt overwegend open veld met veel wind. Een jasje doet hier deugd, al mogen we nog steeds niet klagen van het weer. Het thuisfront meldt immers dat het daar pijpenstelen aan het regenen is.  In de namiddag gaat het meer en meer het bos in en wordt op het laatst enkele kilometers de oever van een beekje (Baybach) gevolgd. Het tempo daalt door het avontuurlijke karakter van dit overigens prachtige deel van de tocht. Uiteindelijk bereiken we onze slaapplaats voor de komende twee nachten, “Die Schmausemühle”. Te midden van de bossen treffen we hier waarlijk een pareltje aan.  Het weer is nog steeds voortreffelijk en voor we naar onze kamers gaan keuvelen we nog wat op het terras. Enkele forellenputten verraden al een beetje het hoofdmenu van de avond, forel dus. Al mocht de carpaccio van everzwijn als voorgerecht en de bokaal ijs achteraf er ook zijn. (Voila: zo weten de thuisblijvers ook dat we niet alle dagen schnitzels voorgeschoteld kregen.)  Onder het eten wordt o.a. de techniek van het koe-kalven uitgelegd. We reizen om te leren en kennis is onze drijfveer. Het plaatsje is blijkbaar ook bekend bij de lokale bevolking, want het restaurant zit vol. Een verdiende nachtrust was het logische gevolg/einde van alweer een topdagje.

Maandag 1 november SCHMAUSEMÜHLE – OPPENHAUSEN (22 km)
Er wordt alweer een voortreffelijk ontbijt geserveerd, zodat we er weer tegenaan kunnen gaan. Kurt besluit om vandaag ook mee te wandelen, zijn blessure gaat de goede kant uit.
Wat gisteren een avontuurlijk einde was van de wandeling blijkt slechts een voorproefje geweest te zijn van wat ze van daag op ons bord zouden leggen. Een infobord aan de start vraagt om “A call for very great surefootness and a minimum head for heights”. In het Maldegems: “niet voor mietjes”. Eerst worden we getrakteerd op een halve commandopiste langs de oever van het beekje. Alle spieren worden losgemaakt! Daarna volgt nog een stevig klimmetje als toetje. Zonder twijfel één van de mooiste stukken van de Hunsrück wat mij betreft, maar zeker niet voor effe een wandelingetje op zondag. In de namiddag wordt het parcours ietsje milder. Alhoewel de klim naar de imposante Ehrenburg, die de vallei overheerst, ook wel wat calorieën verbrand. Dan kwam er “een specialleke “… We lopen langs een oude hoeve waar we iets kunnen drinken. We mogen er betalen wat we willen “Voor het onderhoud van de gebouwen”. Er is wel nog wat werk voor die mannen en vrouwen die niet bepaald scherp staan. Het geheel houdt het midden ergens tussen een commune, café, therapeutische hoeve, krakers…. Enfin een bont gezelschap die er wel gelukkig uit ziet. Er moeten van soorten zijn denk ik dan. Leven zoals je zelf wil. Het eindpunt van vandaag is Gasthaus Tenne in Oppenhausen. Een heerlijk kopje warme koffie doet hier deugd. Met taxi gaat het terug naar de Schmausemühle voor alweer de laatste avond van deze editie. Speciaal voor de thuisblijvers vermeld ik graag nog even het menu: een bordje gerookte forel, een heerlijk soepje, stoofvlees van everzwijn en een heerlijk lokaal gebakje. Asteblief! Op het einde van de maaltijd, als het restaurant alleen nog bevolkt wordt door onze groep werd ook een dankwoord gericht aan Johan. Hij zorgde er immers voor dat we al die jaren samen op stap konden gaan, nieuwe vrienden konden maken en prachtige wandelingen ontdekten. Alles was altijd “spic and span” voorbereid. Twee bevallige hostessen overhandigden een geschenk. Dank U wel nogmaals Johan, uit naam van de ganse groep. Hopelijk vergezel je ons nog vele jaren.
We doen een poging om de traditie van de novemberwandelingen verder te zetten. Thuisblijven is geen optie. Het klad heb ik je al voorgelegd, voor de afwerking zal ik nog wel eens raad vragen bij een Orvalleke of zo. Akkoord?

Dinsdag 2 november OPPENHAUSEN – BOPPARD. (18 km)
De laatste dag alweer van onze vijfdaagse… Time flies… Een stevig ontbijt alweer met alles erop en er aan.
Bij het naar buiten kijken valt het op dat er regen op komst is. Stipt om 9.00u zoals afgesproken gaan we met de taxi terug naar Oppenhausen om onze laatste etappe aan te vangen. Het is heel wat frisser en ondertussen vallen de eerste druppels. In die mate dat ik zelfs mijn paraplu openklap. Geen slechte beslissing zal later blijken want het zou meer en meer beginnen regenen. We klimmen enkele keren langs over de kammen die de machtige Rijn begrenzen. Het parcours lijkt sterk op dat van de Rheinsteig die we in het verleden ook al deden. Ietsje pittiger, al zal het feit dat het dag vijf is ook al meespelen.
Door de regen worden de paadjes ook een stukje gevaarlijker. Oppassen is regelmatig de boodschap. Safety first, always. De laatste klim brengt ons op een punt waar we een grote meander van de Rijn kunnen overschouwen, geflankeerd met wijnvelden. Er is hier ook een kabelbaan die helaas alleen in de zomer operationeel is. Het zou een schoon einde geweest zijn, zo in een gondeltje… Maar we moesten dus te voet afdalen. De allerlaatste kilometer vereiste alle aandacht. In het station van Boppard werd nog een laatste keer gehergroepeerd en een glas gedronken alvorens de terugreis naar huis aan te vatten. Alweer een folder met herinneringen die klaar is. Bedankt voor het gezelschap. Tot volgend jaar op de Ahrsteig!

Dino

Tochtverslag: La Roche – Ligny

Wandelkaart: https://afstandmeten.nl/index.php?id=3092677

La Roche – Ligny. 26.0 km

Bij het verlaten van het station van La Roche vinden we het paadje niet. We steken dan maar La Thyle over en volgen langs de weg tot voorbij de laatste huizen van Tanguissart.

Daarna gaan we onverhard, langs de Ry d’Hez, een onbetekenend stroompje, dat we stroomopwaarts volgen. Het onverharde wordt hoe langer hoe drassiger. We doen de gamashen om en ploeteren verder door een moerassig bos over omgevallen bomen, door struiken. Er is amper nog sprake van een pad, we stappen van stronk op graszode tussen het water door. Plots is er geen doorkomen meer aan. Gans de vallei staat onder, we staan in het water. We waden naar de zijkant, soms tot halfweg onze kuiten. De berm volgen is geen optie; bramen en struiken versperren de weg. Dan maar omhoog door metershoge netels. Daar vinden we een breed bospad. Volgens een houthakker is het een privéweg. Op het eind vinden we inderdaad een bordje “chemin privé”.

Langs de rand van het bos volgen we verschillende wegels en daarna gaat het kriskras door open veld en stukjes bos in een grote boog rond Villers-la-Ville. Langsheen de spoorweg stappen we door een verwilderde strook bos en gaan dan onder de spoorweg door in Strichon. Vlak voorbij de brug is er Café du Pont, niet voorzien maar welkom.

We stappen binnen. Er hangt één man aan een tafeltje, hij beweegt niet. De cafébazin staat met de armen gekruist achter de toog. Het enthousiasme stroomt eraf. We bestellen, drinken hem uit en vlug weer weg. We dienen een tijdje te stappen voor we de kilte uit ons lijf krijgen. Efkes gezellig een pintje drinken…hallo!

Daarna zijn het veldwegen, lange rechte graswegels of half verharde paden doorheen de velden met bieten, aardappelen, mais… We passeren doodse dorpjes Marbisoux, Wagnelée,.. Enkel de Chemin de l’Escaille, waar aan het hek een bordje “chemin privé” hangt, zorgt nog voor wat afwisseling. We lopen langs de muren van een enorme vierkantshoeve met daarbij een kasteeltje met vijvers. Als we het hek aan de andere zijde van het domein, na 1 km, doorgaan zijn we bijna in Ligny.

Dilbeek – Halle. 26.9 km

Wandelkaart: https://afstandmeten.nl/index.php?id=3067627

Deze wandeling werd uitgestippeld door wandelgroep Schampavie en is op hun website terug te vinden onder de rubriek “Langs trage wegen door België”.

Vanaf het station van Dilbeek stappen we binnen de kortste keren midden in de natuur.

Evenwijdig met de Steenvoortbeek wandelen we door de Wolfsputten, een mooi natuurgebied met vijvers, knuppelpaden, een stalen uitkijkplatform over de vallei en vooral een ongelooflijke variatie aan groen. Aan de omgevallen bomen te zien heeft het hier onlangs nog flink gestormd. Na ruim 3 km komen we uit op het pleintje naast het Cultureel Centrum de Westrand in Dilbeek, “waar Vlamingen thuis zijn!”

Het is marktdag. We vervolgen door het gemeentepark met grote tuin, een imposant gemeentehuis en een uitgestrekte vijver. We gaan voorbij de kerk en kruisen de N8, de beruchte Ninoofse Steenweg. Daarna verder door de velden. In een klein bosje komen we voor een wegversperring: een omgevallen boom dwars over het pad. Na wat zoekwerk door bramen en netels vinden we toch een doorgang. Maar even verderop is het pad verdwenen onder een ondoordringbaar web van onkruid en metershoge netels. Dan maar door de mais. Makkelijk stappen is dit toch niet.

We bereiken Vlezenbeek. Het café op Osmand blijkt een feestzaal. We eten onze boterhammen op aan de kerk maar een fietser wijst ons op het terras van de Merselborre, op de hoek van de Postweg en de Schaliestraat. Daarvoor keren we graag 100 m terug! We hebben 12.5 km afgestapt maar na deze deugddoende pauze kunnen we er weer tegen; al verlopen de eerste stappen toch wat stram. Langs landelijke wegen en achterafpaadjes komen we nabij Oudenaken. We kruisen de Zuunbeek en klimmen dan naar het hoogste punt in de regio, gemarkeerd door de torenhoge (300 m) zendmast van Sint Pietersleeuw.

Hij blijft zichtbaar gedurende de rest van onze wandeling.

Even voor Halle verlaten we de route. We snijden af, korten een viertal kilometer in en volgen de GR rechtstreeks naar het station. Als we neerploffen op het terras er rechtover staan er 25.4 km op de teller. Ruim genoeg na anderhalve maand niksen.

Als ik in Maldegem van de bus stap, in de Oude Gentweg want ik kom via Eeklo, giet het water. Ondanks regenvest en paraplu ben ik binnen de kortste keren doorweekt. Terwijl Hilda met de auto staat te wachten aan het station zwem ik naar huis!



Johan

Veslag: zomerse avondwandeling in Het Leen

Junimaand: de dagen zijn op het langst, de nachten op z’n kortst. Ideaal voor zomerse avondwandelingen, als het weer meewil tenminste. Deze keer was de plaats van afspraak de jachthaven van Eeklo alwaar Freddy een wandeling voor ons had uitgestippeld. We startten met een klein groepje richting het Leen, waar onze natuurkenner bij uitstek Carlos ons onderweg weer heel wat weetjes zou meegeven. Na een korte afstand langsheen de weg werd al vlug ingeslagen richting het Leen. Er werd eerst even haltgehouden aan een grenspaal. Grenspaal? Jawel; de paal geeft de plaats aan van de voormalige grens tussen Eeklo en Maldegem, van voor de fusies in 1977, waarbij een stukje Adegem bij Eeklo terecht kwam. Maar even verder duiken we dus het Leen in. Het Leen, ooit eigendom van Graaf Gwijde van Dampierre (13eE) is eigenlijk een relict van een moerassig gebied. Het is er nog steeds vochtig, en dat zullen we geweten hebben. De talrijke muggen maken immers van elke gelegenheid gebruik om ons een steekje te presenteren. Mijn benen droegen nog enkele dagen de sporen van die beestjes, ik was immers in korte broek gestart… In een recenter verleden was dit Leen een plaats van en voor militairen, die hier ook wel wat sporen nalieten. De betonbaantjes en vijvers, om er maar twee te noemen bijvoorbeeld. Na heel wat interessante weetjes over fauna en flora doemt een metalen constructie voor ons op, die een uitkijktoren is. Terwijl enkelen het niet kunnen laten om eens naar boven te gaan, gaan de anderen alvast plaats nemen in het cafetaria ter plaatse, die nog net niet gesloten is. Het is immers een mooie zomeravond en een drankje smaakt dan wel. Langs de oude militaire wegen gingen we verder toen we plots de geur van wierrook opvingen in onze neus. Bij een kapelletje van Maria hadden vriendelijke mensen uit andere oorden wat brood en wierook geplaatst, een gebruik die we kennen bij hindoes ter ere van de Goden. Samenleven kan eenvoudig zijn denk ik dan bij mezelf. Hadden maar meer mensen deze houding, het zou een paar oorlogen schelen. Ondertussen begon het wat te druppelen, maar de bomenrij langsheen het Schipdonkkanaal gaf ons gelukkig wat bescherming.  Langs het Kanaal van Eeklo, die de Jachthaven eigenlijk is, bereikten we weer onze startplaats. Na het bedanken van Carlos voor de weetjes onderweg wordt nog iets genuttigd.  De teller geeft 10km aan. Alweer een leuk en leerrijk tochtje!

Dino

 

 

 

Nieuw Magazine HUP!

Het was even wachten, maar jullie geduld wordt beloond! Sportief met de Wandelvogel heeft een opvolger. ‘Hup!’ is de naam. Hup! neemt jou mee in een wereld vol bewegen en sporten met inspirerende activiteiten, authentieke beweegverhalen en verrassende rubrieken. Dit nieuwe ledenmagazine valt voortaan 4 x/jaar bij onze leden in de brievenbus en is inbegrepen in het lidmaatschap van Gezinssportvlaanderen. De eerste editie is voorzien begin juli.

vrij(e)dagwandelingen

De coronamaatregelen zijn heel wat versoepeld en zo kan ook weer de vrijdagwandeling van start. 
Je kan al de volgende datums noteren.
Meer info volgt in de volgende nieuwsbrieven.

vrijdag, 20 augustus ’21:  Geert Creve  – Moorsel 

 vrijdag,17 september ’21: Marc Otte – Doomkerke (Bulskampveld) 

 vrijdag, 15 oktober ’21: Toon Van Eetvelde  – Schorisse

 vrijdag, 19 november ’21:  Jan Van Damme –  Moerzeke

 

Tochtverslag Visé

Wandelkaart: https://www.afstandmeten.nl/index.php?id=2997050

 

6h59 werd als vertrekuur afgesproken in Brugge om er de IC-trein naar Luik te nemen. Na een vlotte overstap in het majestueuze station van Guillemins belandden we net voor half tien aan het station van Visé, dat met zijn spoorweg tot Maastricht geprangd ligt naast de autostrade en de hier al heel brede Maas. We doorkruisen het op zondag zachtjes ontwakende stadje. Overal vallen schilden op van de kruisboog-  en de 2 haakbusschuttersgilden.

Maar algauw trekken we door het eerste wijdse, frisse lentegroen van berg en dal. Fris, ja. We waren met een zonnig weerke vertrokken in Brugge, maar de eerste uren stopt het zachte miezeren hier niet. 

Freddy heeft vandaag een 24 km lang traject in een acht-vorm uitgestippeld langs vooral GR-paden. We doorkruisen een zeer gevarieerd landschap van bossen, akkers en weiden, hoge hagen; zelfs door tunnels in het struikgewas. Klaterende riviertjes doorstromen pittoreske dorpjes. Zo houden we halt voor onze lunch in Mortroux, deelgemeente van Dalhem, een voorschot groot.  Een lokale visser toont ons fier zijn vangst van deze morgen. ‘Oufti!’ (Luiks voor onze ‘Miljer…’) ratelt voortdurend uit zijn mond.

We zetten dapper verder door. Het gemiezer blijft achterwege. De zon is nu meer en meer present. Maar de sporen van de overvloedige regen deze week leiden ons vaak naar de bermen om de grote plassen te ontwijken. Soms zijn de plassen ook op de vaak heel smalle paadjes zo omvangrijk dat je er wel doorheen moet stappen. Godfried, die toe is aan zijn Maidentrip in onze rangen, trekt maar een vies gezicht. ‘Wa nei??…’. Als hij toch nog zijn heil zoekt op de rand van de plas reiken we hem nog een wandelstok aan. Maar het mag niet baten. Hij glijdt uit en ploft op zijn borst in de plas. Zijn rechterarm, die nog steun zocht aan de wei-omheining, raakt gekneld. Een korte kraak… 

Carine, vertrouwd met dergelijke scènes in het hospitaal, neemt meteen voortouw in de coördinatie; onder het goedkeurend oog van Dino. We heffen Godfried, ontdaan van zijn rugzak, horizontaal op het droge, waar hij even gaat zitten. Dino en ik bellen aan bij het eerste huis 10 minuten verder om de juiste adresinfo aan de hulpdiensten te kunnen doorgeven. Ondertussen begeleiden de anderen Godfried naar het afgesproken punt, waar de ambulance net toekomt. Tante Corona verbiedt ons hem te vergezellen naar het ziekenhuis CHC in Hermalle. Ook een brandweerwagen was blijkbaar opgeroepen, vanwege de onherbergzame spot van het ongeval. Half uit ons lood geslagen zetten we de tocht verder. We moeten verder. Godfried is nu alvast in goeie handen. We stappen vaak in complete stilte; blijkbaar een post-traumatische reactie. De meesten van ons dragen nog diverse moddersporen van die urgente interventie. Maar door het lange, natte gras zijn onze bottienen vlug gekuist, zo ook na het doorkruisen van een pas ‘gebeerde’ weide… 

Na anderhalf uur meldt Godfried ons dat zijn bovenarm gebroken is en hij morgen geopereerd moet worden. (‘Oefti!’…) 

We belanden op de rand van het heuvelachtige Land van Herve, voor mij het schattigste landschap in België. Ginds in de verte de mijntoren en terrils van Blègny.

We moeten nu flink doorstappen, willen we in Luik de trein van 18h halen om in Brugge om 20h te arriveren. I.p.v. een terrasje aan het station, drinken we nog een biertje op de trein. Is dat nu toegelaten of is die regel nu al afgeschaft? Ja, ’t zijn rare tijden…

Maar steeds opnieuw komt die dramatische scène ons weer voor ogen. Ja, Visé zal ons nog lang herinneren aan die nare val, maar ook aan de gecoördineerde samenwerking van elkeen om onze kersverse compagnon zo vlug mogelijk ongedeerd op het droge, in goede handen te loodsen. Een opsteker voor onze groepsgeest!!

Francis